Herstel… bestaat dat wel?

Waar begon mijn herstel en waar hield het herstel op?

Was er wel een moment vast te stellen waarop ik was ‘uithersteld’?

 

Mijn herstel ging van niets kunnen in het UMCG, naar niets kunnen in het VUmc.

Van ietsje meer kunnen in het VUmc naar steeds weer iets meer kunnen in revalidatiecentrum Reade. Het revalidatiecentrum dat voor mij, na enorm vertroeteld te zijn in het ziekenhuis, voelde als een ‘strafkamp’ en een trap na. Dat ‘strafkamp’ had één groot voordeel: ik vond het binnen de muren van Reade zo onaangenaam dat ik er alles aan deed om zo snel mogelijk naar huis te kunnen, omdat ik in de bruisende omgeving buiten de muren van Reade zag hoe leuk het leven ook alweer kon zijn.

Van stapjes vooruitgaan maakte ik stappen vooruit. Ik ging van voor elke beweging hulp nodig hebben, naar zelf weer een beetje kunnen bewegen, van een beetje bewegen naar kunnen zitten in een rolstoel, van kunnen zitten in de rolstoel naar zelf rijden met de rolstoel, van zelf rijden met de rolstoel naar voorzichtig lopen met een rollator.

 

Het herstel ging me niet snel genoeg, maar het in april 2013 na 15 maanden van huis te zijn geweest met rollator weer naar huis mogen, voelde als een overwinning. Op dat moment werd mijn door anderen ‘gekaapte’ leven weer een beetje van mij en kon ik beginnen met van dé patiënt weer een beetje Marlous te maken. De persoon waarin ik mijzelf zou herkennen én zoals anderen mij kenden. Het duurde lang voordat dit moment kwam. Wat had ik de eerste periode een hekel aan mijn ‘nieuwe ik’. Dolblij met de lucht die ik kreeg, maar zo ongelukkig met deze teleurstellende versie van mijzelf.

 

En toch kwam op een gegeven moment die dag waarop ik dacht: Het is goed zo. Dat moment kwam toen ik losliet wat vooral ‘gelijkgestemden’ vonden en deden. Gelijkgestemden die ervan overtuigd waren dat als ik nóg meer mijn best deed, dat het dan wel goed zou komen. Gelijkgestemden die graag van de daken schreeuwden hoe gewéldig ze het zelf voor elkaar hadden.

 

Hoe ze riepen dat ik ook zo moest leven zoals zij deden. Het voelde als falen aan mijn kant. Had ik niet hard genoeg mijn best gedaan? Had ik iets verkeerd gedaan? Deugde mijn ‘mindset’ niet? Kwam het doordat ik niet het juiste voedingspatroon had? Ik liet me gek maken door mensen die niet eens zo belangrijk voor me waren. Ik besloot die mensen mét hun meningen los te laten en kwam tot een besef: succes is géén keuze én niet-perfect is ook perfect